Goed advies doet groeien!

In demovelden op zoek naar gezonder gewas

Artikel Groenten & Fruit 23 oktober 2020 – Stan Verstegen

In de demovelden asperge van Compas Agro op Brightlands Campus Greenport Venlo, ligt de focus op behoud van een gezond gewas. Hoe kunnen we dat ook bereiken als we steeds minder kunnen terugvallen op chemische middelen? Een negental onderzoeksprojecten passeerden de revue.

In het driejarige Interreg-project Smart Growers gaat het om het optimaal water geven door middel van vochtsensoren. Nu wordt er vaak op gevoel en te snel geïrrigeerd. Door te irrigeren op basis van sensordata en bodemeigenschappen valt het ideale moment voor irrigatie te bepalen en is onnodig irrigeren te voorkomen. Omdat aspergewortels diep zitten, staan er sensoren op 30, 60 en 90 cm diepte. Om het model te bouwen zijn gegevens over de hoeveelheid neerslag op het perceel en de instraling op het gewas nodig. Op basis van vochtmonsters worden twee typen sensoren vergeleken en wordt gekeken welke sensor het betrouwbaarste is. Het Belgische Proefcentrum Groenteteelt Sint-Katelijne-Waver en Compas Agro voeren het onderzoek uit.

Compost versus Champost

Van Iersel Compost vergelijkt in driejarig onderzoek de toepassing van 100 ton champost per hectare met een mix van hoogwaardige, uitgerijpte houtcompost aangevuld met Vigro Wormhumus. Aan deze mix zijn op basis van een bodembalansanalyse de nutriënten magnesium en zwavel toegevoegd en verder de benodigde spoorelementen zoals borium. Ook is er een object van champost met daaraan toegevoegd de plantversterker Root & Shoot. Voor de praktijk levert Van Iersel voor de toediening van hun compost een advies gebaseerd op grondmonsters van het aan te leggen aspergeperceel. Ten aanzien van de werkingscoëfficiënten van N en P is groencompost efficiënter dan champost.

Root & Shoot

De wortelstimulant Root & Shoot is van Soiltech. Het product stimuleert de wortel- en scheutgroei, waarbij nu wordt gekeken naar het effect op asperge. Het middel bevat een kleine hoeveelheid NPK in een formulering van zeewierextract, fulvinezuren, vitaminen en aminozuren. In de proef ligt het middel in een dit voorjaar gezaaid plantenveld met twee rassen. Er wordt vanaf opkomst maandelijks 10 liter per hectare toegediend. Soiltech gaat aan de hand van productie, drogestofanalyses en suikergehalte de
verschillen tussen wel en niet behandeld in kaart brengen. Het bedrijf heeft met Root & Shoot onder andere ervaring in winterprei waar de behandelde prei 9% meer productie leverde dan zonder Root & Shoot.

Granustar CRF

De meststoffen van Mivena onderscheiden zich van andere langzaam vrijkomende meststoffen door hun werkingsprincipe. Bij deze meststoffen zorgt een minerale coating – ‘duration coating’ – voor het geconditioneerd vrijkomen van N, K, Mg en spoorelementen. Afhankelijk van de coating duurt dat drie maanden tot twee jaar. De fabrikant heeft voor asperge de meststof Granustar CRF samengesteld. Er is een mix met NPK+MgO van 17-7-16-5 en een van 18-0-18-5. Aan beide zijn nog spoorelementen toegevoegd. De werkingsduur is drie tot vier maanden, de dosering 350 kilo per hectare. Uit meerjarig extern onderzoek blijkt dat Granustar CRF zorgt voor meer wortelmassa met maximale suikers. Door de coating is de uitspoeling minimaal.

Aloe Soil

Sinds het verbod op TMTD als dompelbehandeling, komen steeds meer additieven voor het dompelen van aspergeplanten in beeld. Aloe Soil is als extract van Aloe vera een biostimulant die bij dompelen of na het planten in de plantgeul kan worden toegepast. In de proef liggen onbehandeld, een dompeling in water plus Aloe Soil en twee objecten aangieten in de plantgeul met 10 of 20 liter middel per hectare. Bij aardappel geeft het product volgens Stefan van Hugten van Mertens Agro aantoonbaar meer knollen en hogere producties. In asperge wordt dit seizoen de lengtegroei van het loof gemeten. Later volgen ook het suikergehalte in de plant en de stengeldikte van de asperge.

Herbicidenproef

Hoe kan je onkruid beheersen in asperge, is de vraag in een aansluitproef met verschillende middelen solo en in combinaties. Quickdown van Certis is een contactmiddel dat klein, net gekiemd onkruid afbrandt. Het bestrijdt geen grassen, wel prima kleine brandnetel. Op het demoveld wordt Quickdown gecombineerd met bodemherbiciden zoals Sencor en Centium en het grassenmiddel Fusilade Max. Daarnaast liggen er experimentele producten in de proef.

Stemphyliumproef

De proef ter bestrijding van Stemphylium in asperge is opgezet om alternatieven te vinden voor het huidige chemische pakket met Switch, Score en mancozeb. In de proef ligt het chemische object koper+ bitterzout met koper in de vorm van de vloeibare FoliePlus. Verder het object Stress imuum, een middel dat een vitaler gewas creëert door toedienen van extra aminozuren, en een middel van Agrea waaraan Perfect Leaf als plantversterker is toegevoegd. Perfect Leaf bevat onder andere N, Ca, Mg en Mn.

Aspergehaantje

Tot augustus dit jaar was Calypso nog toegelaten in asperge ter bestrijding van aspergehaantje. Met het vervallen van deze toelating resteren Decis en Karate, twee synthetische pyrethroïden, én het dit jaar toegelaten middel Gazelle. Dat mag in een dosering van 250 ml per hectare twee keer in twaalf maanden en is qua effectiviteit vergelijkbaar met Calypso. Door hoosbuien en extreme hitte werd de praktijkproef op het demoveld van Compas Agro verstoord en daarom is een labtest opgezet met negen middelen. In het lab had een nog niet toegelaten pyrethroide een mindere, maar wel aanvullende werking. Een experimenteel middel dat op een andere manier dan Gazelle en Calypso inwerkt op het zenuwstelsel biedt perspectief. De werking van brandnetelgier is gebaseerd op de afwerende geur en de dodende werking van alcohol. Van een middel dat de vervelling van de larven verstoort, kon de werking onvoldoende worden vastgesteld, omdat de larven al vrij groot waren. Dan vervellen ze niet of nauwelijks meer. Ervaringen met dat middel in het buitenland bieden perspectief. 

Plant Health Cure

In de vergelijking van producten van Plant Health Cure (PHC) met het standaard object met kunstmest en drie keer een mix aan fungiciden tegen loofschimmels, bleken beide objecten begin september qua loofstand vergelijkbaar. In het object van PHC werden de planten gedompeld in een oplossing met sporen van mycorrhizaschimmel, rhizosfeer-bacteriën, Trichoderma’s en fulvine. In de plantgeul werd bij de wortel de bodemverbeteraar TerraPulse toegediend. Kort na planten volgde de organische meststof OPF-Granulaat (NPK 11-0-5). Deze meststof geeft in vier weken 50% van zijn meststoffen vrij, in de loop van de zes weken daarna volgt de overige 50%. Verder werden nog zes gewasbespuitingen uitgevoerd met ColorTect. Door wortelanalyse zullen de mogelijke verschillen in plantsap en droge stof bepaald worden. Ook volgen gedurende drie
jaar productiebepalingen.